Lokaal Olieschaarstebeleid
1 februari 2010. Bijdrage geleverd door Peter Polder.
Op 3 maart zijn er gemeenteraadsverkiezingen. En dat luidt een korte periode in van coalities sluiten en plannen maken die de komende vier jaar het lokale beleid in Nederland gaan bepalen. Twee thema’s die deze vier jaar gaan domineren zijn bezuinigingen en lokaal klimaatbeleid. Talloze gemeentes willen klimaatneutraal worden, en er gaat fors minder geld beschikbaar zijn.
Is er nog ruimte voor een nieuw agendapunt in de gemeenteraden? De noodzaak minder afhankelijk te worden van olie?
De oliepiek lijkt een veelomvattend en globaal probleem waar je als lokale bestuurder weinig mee kunt maar schijn bedriegt. In tal van plaatsen in de wereld wordt er gewerkt aan lokaal olieschaarstebeleid. Beleid gericht op het garanderen van de werkgelegenheid en de bereikbaarheid van een gemeente in tijden van olieschaarste en volatiele olieprijzen. Hoe ziet dat er uit?
Om een groot misverstand uit de weg te ruimen, het is niet geheel identiek aan klimaatbeleid. Het meeste Nederlandse klimaatbeleid is gericht op warmte en elektriciteit, en spaart zodoende alleen aardgas en kolen uit. Geen olie.
Een eerste noodzakelijke stap is een idee krijgen van de olieafhankelijkheid van een gemeente.
Neem de stad Bristol, een Britse havenstad met meer als 400.000 inwoners. In 2009 deed de gemeente een uitgebreid onderzoek naar de olieafhankelijkheid van de stad en haar publieke diensten.
Wat gaat het effect van hoge olieprijzen zijn op de vuilophaal?, welke bedrijfstakken zijn erg afhankelijk van olie?, en welke bedrijven zouden juist een concurrentie voordeel hebben?. Hoe bereikbaar blijft de stad als olie schaars wordt? Een dergelijke risico analyse zou een van de eerste acties moeten zijn van elke Nederlandse gemeente na 3 maart. Het Bristol rapport is hier te vinden.
De Britse versie van de VNG (de Vereniging van Nederlandse Gemeentes) publiceerde vorig jaar een uitgebreide aanbeveling aan lokale overheden omtrent lokaal olieschaarstebeleid. Hoewel het erg is toegesneden op de Britse situatie zijn veel van de aanbevelingen ook van waarde voor Nederlandse gemeenten.
Een aantal relevante tips uit het rapport
* Maak het gemeentelijke wagenpark (bussen, vuilniswagens, dienstauto’s) minder afhankelijk olie. Schakel over op biogas uit lokaal rioolslib en GFT, schakel over op elektrisch rijden.
* Bevorder collectieve bevoorrading van winkels en bedrijven via een gemeentelijk distributiecentrum.
* Stimuleer alternatieven voor de auto: openbaar vervoer en de fiets, ontmoedig autogebruik door parkeerbeleid en de toegang to de stad, en bevorder alternatieven voor benzine en diesel, zoals elektrische auto’s en rijden op aardgas of biogas.
* Betrek burgers en bedrijven bij het ontwikkelen van alternatieven voor oliegebruik.
* Trek werkgelegenheid aan die niet rechtstreeks afhankelijk is van de olieprijs
Zie ook ons rapport over Nederlands Olieschaarstebeleid.


