Crisis aanpak Kabinet gemiste kans
30 maart 2009. Bijdrage geleverd door Peter Polder.
Nederland blijft onvoorbereid op energiecrisis.
Afgelopen week werden de plannen van dit kabinet in verband met de kredietcrisis bekend gemaakt, na enkele weken moeizame onderhandelingen. Terwijl in andere landen de crisis wordt gebruikt als kans om de economie een duurzame richting op te sturen, wordt in Nederland op oude voet doorgepolderd. Een gemiste kans. Met het pakket maatregelen dat nu is aangekondigd blijft Nederland sterk afhankelijk van fossiele brandstoffen. Dit betekent dat zodra het regeringsbeleid slaagt en de economie weer aantrekt, we in de volgende crisis belanden: een permanente oliecrisis. Gezien de impact die de kredietcrisis heeft op de investeringen in de energiesector, fossiel en duurzaam, is omslag naar niet fossiele brandstoffen net zo urgent als de kredietcrisis.
Balkenende en zijn coalitiegenoten concluderen zelf dat het niet gaat om een gewone economische recessie, maar om een crisis verscherpt door “ nieuwe schaarste (energie en grondstoffen) en nieuwe beperkingen (klimaat en water)” . Het kabinet zegt verder “ Zo zorgen we er voor dat Nederland beter voorbereid op de toekomst uit deze crisis komt. Alleen dan zorgen we er voor dat we naast de kredietcrisis, ook de dreigende klimaat, en energiecrisis afwenden. “. Dat klinkt bemoedigend. Helaas ontbreekt het aan beleid om deze mooie woorden in daden om te zetten.
Niet dat er niets gebeurt. Er word geïnvesteerd in 500MW extra windenergie en belangrijker; er lijkt een beweging gemaakt te worden richting een “feed-in tariff” naar Duits voorbeeld. Het gaat om een eerste stap waarin het geld voor duurzame energie niet meer uit de overheidspot komt maar via een opslag op elektriciteit wordt gedekt. De grote vraag is of ook bedrijven mee gaan betalen aan deze ‘belasting’. Ook het probleem dat de regeling via het overheidsbudget verloopt blijft bestaan. De precieze regeling moet nog vastgesteld worden dus is het te hopen dat er een prijsgarantie komt en niet langer een aan de energieprijs aangepaste subsidieregeling. Echter los van de problemen rond de subsidieregeling duurzame energie, meer duurzame elektriciteit kan een deuk slaan in ons gasgebruik maar doet niets aan ons oliegebruik. Olie is transport en op het gebied van transport wordt alleen melding gemaakt van een slooppremie voor oude auto’s. Het is de vraag hoe dit uitgevoerd zal worden. Wordt er slechts geld betaald voor oude auto’s en schaffen mensen voor dat geld een nieuwe auto aan, zoals het geval is in Duitsland, dan is het effect nihil. Of worden mensen gestimuleerd de premie te investeren in een elektrische auto een fiets of OV een abonnement? Het signaal dat staatssecretaris De Jager afgelopen vrijdag heeft afgegeven over de fiscale stimulans voor elektrische auto’s is in ieder geval bemoedigend. Al met al wordt er in 2009 621 miljoen euro en in 2010 606 miljoen extra geïnvesteerd in een duurzame economie. De genomen maatregelen zijn onvoldoende om ons voor te bereiden op de binnen enkele jaren dalende wereldolieproductie. Bovendien, wat daar tegenover staat is een forse investering in projecten die de consumptie van fossiele brandstoffen zullen aanjagen.
De meest schadelijke maatregelen in dit opzicht zijn het afschaffen van de vliegtax en het investeren in meer snelwegen. Onze aardgasbaten, die belanden in de zogenaamde FES pot, worden verkwanseld. Investeringen in meer snelwegen worden naar voren getrokken en via een speciale Crisis en Herstel wet wordt het verzet tegen dergelijke plannen onmogelijk gemaakt. Daarnaast lijkt het kabinet van plan te zijn extra te investeren in Schiphol. Een zinloze investering. Bij een periode van langdurige olieschaarste zal Schiphol te maken krijgen met krimp omdat er nog niet voldoende alternatieven bestaan.
Een belangrijk deel van het geld om de de bouwsector te stimuleren word gestoken in het onderhoud van gebouwen, stedelijke vernieuwing en de bouw van scholen en ziekenhuizen. Helaas wordt die unieke kans niet gegrepen om daarbij hogere eisen te stellen aan de energiezuinigheid van die gebouwen. Bijvoorbeeld via het door de Europese Commissie voorgestelde plan om bij elke renovatie van enige omvang extra isolatie verplicht te stellen, of door de norm voor deze nieuwbouw energieneutraal te laten zijn. Op die manier word miljoenen gestopt in gebouwen die niet voorbereid zijn op een energiecrisis. En waarom worden de extra middelen niet geïnvesteerd in de bijscholing van minder werkende of werkloze bouwvakkers op het gebied ven duurzaam bouwen?
Natuurlijk is Nederland een betrekkelijk kleine speler in de internationale economie, met maar een beperkte invloed op het verloop van de kredietcrisis en de energiecrisis. Veel zal afhangen van wat de EU, de VS en China doen op dat vlak. Niettemin, de huidige ontwikkelingen op de energiemarkt zijn allesbehalve geruststellend. We zullen ons eigen land moeten voorbereiden op een permanente oliecrisis. Het Internationale Energie Agentschap (IEA) concludeerde in November vorig jaar dat we bij een doorgaande trend in een oliecrisis zouden belanden in 2010 en riep op tot een energierevolutie. De kredietcrisis heeft die situatie verscherpt.
De door kredietcrisis stortte zowel de vraag naar olie als de prijs van olie in. Daardoor lijkt het probleem minder urgent. Tegelijkertijd zijn echter de investeringen in zowel fossiele brandstoffen als in niet fossiele energie ingestort. Nu de non-opec olieproductie over haar piek heen is, en met 4% per jaar daalt, zullen de OPEC lidstaten hun productie met 8% moeten verhogen, of zal (een deel van) die 8% moeten komen uit alternatieven en besparing. Een onmogelijke opgave.
De kredietcrisis zorgt weliswaar voor tijdelijke adempauze, maar als we die niet snel gebruiken wordt elke economische opleving onmiddellijk neergesabeld door stijgende fossiele brandstofprijzen. Hoe minder afhankelijk onze economie is van die fossiele brandstoffen, hoe minder last we daar van zullen hebben. De middelen om dat te doen zijn ruim voorhanden. Het is een kwestie van politieke wil en een duidelijke visie op een post-fossiele economie om die energierevolutie ook ingang te zetten.
Wat had er wel in de crisisplannen moeten staan?
1. Een oliereductietarget. Er zijn al afspraken gemaakt over 20% minder C02 en 20% duurzame energie in 2020. Daar zal 20% minder oliegebruik aan toegevoegd moeten worden.
2. Een investerings,- en stimuleringsprogramma vanuit de overheid voor niet-olieafhankelijke transportmiddelen. Investeer niet in Schiphol of nieuwe snelwegen, maar in de elektrische auto, de fiets en bijvoorbeeld een HSL Oost.
3. Voor 2020 een sterke reductie in aardgas gebruik door een ombouw
programma voor tuinbouwkassen en de verplichting gebouwen te isoleren
bij een omvangrijke verbouwing of renovatie
Reactie's
-
Jeroen
-
Jeroen
-
Dr. Wijnandt T. de Vries
-
Dr. Wijnandt T. de Vries
-
Kruo
-
Wijnandt T. de Vries
-
Gert Visser
-
Wijnandt T. de Vries
-
http://www.teesingsystems.nl Gerben
-
Ed
-
Mechanieker
-
http://www.teesingsystems.nl Gerben
-
mechanieker
-
Lodewie
-
Gert Visser
-
Mechanieker
-
Koen
-
Jeroen
-
Mechanieker
-
Kruo
-
Jacques
-
Cornelis
-
Jacques
-
Lodewie
-
Ries
-
Wijnandt T. de Vries
-
Ries


